Menu » Onze Service » Fietsmeting » Schoenplaat adjuster

 

SHOE CLEAT ADJUSTER = schoenplaat bevestiger

De contactpunten die een fietser heeft met de fiets (zadel/stuur/pedalen) zijn essentieel voor een optimale fietspositie. 
 
De functies van de SCA zijn:
  • Het plaatsen van de schoenplaatjes zodat de bal van de voet exact boven de as van de pedaal komt waardoor een optimale krachtoverbrenging wordt gerealiseerd.
  • Via de schoenplaten wordt ook de stand van de voeten op de pedaal ingesteld en zo wordt een eventuele verdraaiing van het onderbeen voorkomen.
  • Doordat de bal van de voet exact boven de pedaalas staat wordt de pedaalslag geoptimaliseerd wat leidt tot een soepeler pedaaltred.
  • Het positioneren van de bal van de voet exact op het midden van de pedaal reduceert de kans op het krijgen van een branderig gevoel onder de voetzolen.
SCA_Diagonal.jpg

 

VOETPOSITIE

De laatste variabele volgens Gonzales en Hull (1989) is de longitudinale voetpositie. Deze wordt met name bepaald door de instelling van de schoenplaten. Ook voor deze variabele bestaat één regel en dat is de volgende: de schoenplaat moet in de lengte-richting zodanig afgesteld zijn, dat de bal van de voet (het metatarsale hoofd) zich exact boven het midden van de pedaalas bevindt (Mandroukas 1990).
Deze instelling van de voet bevordert het "enkelen", hetgeen resulteert in een gelijkmatige tred en een effectieve stand van de pedaal ten opzichte van de crank (Haushalter 1994).

Als de bal van de voet zich vóór de pedaalas bevindt, wordt de effectieve hefboom van de enkel naar de pedaalas verkleind. Het is dan makkelijker de voet te stabiliseren op het pedaal en het geeft minder belasting op de achillespees en de kuitspieren. Sommige triatleten en tijdrijders doen dit omdat de hogere stabiliteit van de voet een zwaardere versnelling toelaat. De mogelijkheid om hoge trapfrequenties te halen wordt door deze instelling beperkt en enkelpatroon verloopt stijver, met name in het bovenste en het onderste dode punt, omdat de uitslag in het enkelgewricht wordt beperkt.

Wanneer de bal van de voet achter de pedaalas staat, wordt de effectieve hefboom verlengd en is het moeilijker om de voet op het pedaal te stabiliseren. De consequentie hiervan is dat de achillespees en de kuiten zwaarder worden aangespannen om toch voldoende rigiditeit in de voet te krijgen. Baanwielrenners doen dit soms om zo een hogere trapfrequentie te kunnen halen.

De stand van de voet (schoen) op het pedaal kan niet alleen consequenties hebben voor het optreden van blessures, met name in de knie, maar heeft ook invloed op de efficiëntie van de trapbeweging. Vaak wordt bij de afstelling van de schoenplaten vooral geprobeerd de natuurlijke stand van de voeten ook op de pedalen te realiseren. Hierbij realiseert men zich niet dat fietsen met gefixeerde voeten een opgelegde beweging is. Dit betekent dat de cirkelvormige weg die de pedaal beschrijft wordt opgelegd aan de fietser. In deze zin moet de fietser zich aanpassen aan het aandrijfmechanisme van de fiets.

Bij een juiste afstelling van de schoenplaten blijft de knie tijdens het fietsen in de as die loopt van het heupgewricht naar de bal van de voet. Iedere uitslag, zowel naar binnen als naar buiten, gaat gepaard met het verlies aan effectiviteit.